Participatie in de praktijk

Sabine den Hertog, omgevingsmanager gemeente Ede, aan het woord

“Ik kan me voorstellen dat een vergunningaanvraag voor een gemiddelde burger best lastig kan zijn”

De Omgevingswet en participatie zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Participatie is immers een van de pijlers onder de nieuwe wet. Maar participatie is een breed begrip. Hoe geef je dat concreet vorm? We vragen het aan Sabine den Hertog. Zij werkt als omgevingsmanager bij de gemeente Ede en in haar werk speelt participatie een belangrijke rol.

Van landschapsarchitect naar omgevingsmanager

Sabine is opgeleid als landschapsarchitect. Maar haar grote belangstelling voor de stad en voor participatie kon ze daarin minder goed kwijt. “Landschapsarchitecten bij architecten­bureaus bedenken vaak veel vanachter hun bureau, of focussen zich in hun werk op het buitengebied,” vertelt ze. En dat terwijl Sabine haar werk juist voor en met mensen wil doen: “Daar haal ik mijn voldoening uit.”

Als omgevingsmanager bij de gemeente Ede kan ze die interesse voor stad en participatie combineren. “Ik ben in een project verantwoordelijk voor de omgeving, in de breedste zin van het woord. Van de aspecten bodem en geluid tot contacten met bewoners, bedrijven en de provincie. Ik maak de randvoorwaarden voor het project in orde: ik zorg ervoor dat er niets in de weg staat om te starten met de bouw of aanleg.” Sabine legt uit dat een omgevingsmanager een andere rol heeft dan een projectmanager. Bij laatstgenoemde functie is het belangrijk dat alles goed is afgebakend: tijd, budget, gebied. “Als een project over een bepaalde straat gaat, houd je als projectmanager het speeltuintje even verderop erbuiten. Je moet immers je project bewaken. Maar als omgevingsmanager kijk ik daar anders naar.” Sabine focust in haar werk meer op het proces. In haar ervaring bereik je meer met een bredere blik.

Misverstand over participatie

Die brede blik is nu nog niet vanzelfsprekend: bij gemeenten wordt vaak meer projectgericht gewerkt dan procesgericht. “Bij een nieuw project worden factoren als tijd en budget nooit vergeten. Maar de impact op de omgeving krijgt vaak weinig aandacht. Dan ligt er al een ontwerp klaar voordat wordt nagedacht hoe de omgeving hierbij betrokken kan worden.” En in zo’n geval ben je als gemeente te laat, vindt Sabine. “Je moet niet kiezen voor participatie als een uitkomst eigenlijk al vastligt. Dan heeft participatie geen nut. Het is daarom belangrijk om van tevoren goed na te denken of en hoe je participatie inzet.”

En dat sluit aan op de aanstaande Omgevingswet. Het is volgens Sabine een misverstand dat die wet participatie verplicht. “Het gaat erom dat je goed moet nadenken over participatie. Dan kan de uitkomst ook zijn dat je beter voor het informeren van betrokkenen kunt kiezen, omdat participatie niet goed mogelijk is. Prima. Als het maar een bewuste beslissing is.”

“Je moet niet kiezen voor participatie als een uitkomst eigenlijk al vastligt”

“Ik ben in een project verantwoordelijk voor de omgeving, in de breedste zin van het woord”

‘Daar ga ik niet over’

­Door de invoering van de Omgevingswet wordt het procesgerichte perspectief belangrijker. “De nieuwe wet forceert een integrale blik,” stelt Sabine. En dat betekent ook dat je verder moet kijken dan alleen je eigen werkzaamheden. “Er zijn nu nog best veel ambtenaren die letterlijk bij vragen vanuit de omgeving zeggen: ‘Dat is niet mijn afdeling, daar ga ik niet over.’ Ik krijg daar jeuk van, zo’n antwoord kan écht niet meer.”

Tegelijkertijd begrijpt Sabine waar zulke reacties vandaan komen. Ze heeft gemerkt dat participatie bij ambtenaren soms een soort angst kan oproepen: “Wat als we met bewoners gaan praten en ze willen iets anders dan wij hebben bedacht?” Als omgevings­manager vindt ze dat juist leuk. Sterker nog: het is voor haar een voorwaarde dát er iets anders uit zo’n traject kan komen. “Als een plan al helemaal is uitgedacht en de omgeving er niets meer over te zeggen heeft, waarom zou je dan nog participeren?” vraagt Sabine zich af. En wat als een plan inderdaad al vastligt? “Geef dat dan eerlijk aan. Dat waarderen mensen. En misschien zijn er ergens anders mogelijkheden die aansluiten op wat de omgeving belangrijk vindt. Die speeltuin verderop wél bij het project betrekken en opknappen, bijvoorbeeld.”

Meer participatie bij vergunningverlening

In haar werk als omgevingsmanager heeft Sabine regelmatig contact met Omgevingsdienst de Vallei (OddV), zoals bij de aanvraag van een kapvergunning voor het Parklaanproject [zie kader]. “Daarbij gaat het om vijf kilometer waar bomen staan: hoe kan de vergunning dan het best worden aangevraagd? Dat overleg ik van tevoren. Ik weet inmiddels precies waar ik moet zijn. Maar ik kan me voorstellen dat een vergunningaanvraag voor een gemiddelde burger best lastig kan zijn.”

Zijn er volgens haar kansen voor meer participatie bij de werkzaamheden van OddV? Daar is Sabine van overtuigd. Ze ziet als eerste stap om duidelijker te maken hoe je je mening kunt geven over een besluit, bijvoorbeeld over een omgevings­vergunning. “In de huis-aan-huiskrant lees ik dan een zinnetje dat een vergunning is verleend voor een bepaalde activiteit. Dat zegt mij al weinig, laat staan iemand zonder voorkennis over hoe zo’n vergunningsverleningsproces werkt. Wat houdt de activiteit in? Wat is er precies besloten? Dat is niet overzichtelijk te vinden.” En als iemand wél begrijpt wat er is besloten en daartegen bezwaar wil maken, is het volgens Sabine lastig om erachter te komen hoe je dat doet. “Het juridische proces is ingewikkeld omschreven. Terwijl het eigenlijk hierop neerkomt: ‘Bent u het er niet mee eens? Laat het ons dan weten.’ Dat proces anders vormgeven lijkt me een goede eerste stap voor meer participatie.”

This video has been disabled until you accept marketing cookies.Manage your preferences here or directly accept targeting cookies

Participatie bij het Parklaanproject

Een mooi voorbeeld van participatie is te vinden bij een project waar Sabine momenteel aan werkt: de Parklaan. Deze nieuwe ontsluitingsweg voor Ede is belangrijk voor de bereikbaarheid van Ede-Oost en de nieuwbouwwijken in aanbouw. Er zijn veel geïnteresseerden voor het project, geeft Sabine aan: “Heel Ede gaat immers merken dat er een Parklaan ligt.”

Tijdens de eerste weken van de coronacrisis was er een inloopavond gepland. Deze avond kon niet doorgaan. Sabine en haar collega’s vonden het wel belangrijk om de avond in een andere vorm te laten plaatsvinden: “We wilden informeren over de stand van zaken en we wilden weten of de aanpassingen na eerdere reacties naar wens waren.” Kortom: uitstel was geen optie.

Na diverse opties te hebben onderzocht, koos Sabine voor een digitale webcast. Geïnteresseerden konden live via YouTube meekijken en vragen stellen per WhatsApp. De uitzending werd ook uitgezonden via de lokale omroep EDE TV, zodat iedereen die dat wilde de avond kon meemaken.

Het bleek een succes: Sabine kreeg veel reacties dat mensen het fijn vonden om mee te kunnen kijken vanuit huis. “De webcast werd beter bekeken dan een liveavond ooit is bezocht. De aanleiding voor de webcast was noodgedwongen, maar we hebben gemerkt dat er zeker een meerwaarde in zit.” Tegelijkertijd noemt Sabine ook enkele kanttekeningen. “Hoewel ik in de uitzending vragen van mensen kon beantwoorden, is doorvragen lastig. Uitzoeken waar iemand precies bezorgd over is. Dat gaat face-to-face beter.” Sabine pleit daarom voor een combinatie van online en offline middelen voor participatie.